Abstract
Deze bijdrage presenteert een pragmatische benade- ring van ‘evidence-based practice’ (EBP). De eerste paragraaf maakt een onderscheid tussen een enge en een ruime invulling van EBP, waarbij deze laatste meer rekening houdt met de eigenheid van het maat- schappelijk werk. De tweede paragraaf stelt zich de vraag hoe deze ruime invulling van EBP zich verhoudt tot praktijkkennis en –theorie. Een ruime invulling van EBP erkent de waarde van praktijktheorie en zoekt naar een voortdurende wederzijdse beïnvloe- ding tussen empirische kennis en praktijkkennis. Ten derde vereist een ruime invulling van EBP een prag- matische onderzoekshouding. Dit wordt verduidelijkt door in te zoomen op het debat tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek in de jaren negentig. De vier- de paragraaf beschrijft de implicaties van een prag- matische houding voor het onderzoek naar het maat- schappelijk werk. Afgesloten wordt met een pleidooi om een bijna honderdjarige oproep van Mary Richmond nieuw leven in te blazen, en het ontwikke- len en beoordelen van empirische kennis als een wezenlijk onderdeel te zien van het maatschappelijk werk als professie.
Cite
CITATION STYLE
Hermans, K. (2005). Evidence-based practice in het maatschappelijk werk- een pragmatische benadering. Journal of Social Intervention: Theory and Practice, 14(3), 5. https://doi.org/10.18352/jsi.131
Register to see more suggestions
Mendeley helps you to discover research relevant for your work.